Het is 10 voor de winnaar, 6 voor de nummer 2 en 4 voor de nummer 3. Bij tussensprints is het 3 voor de nummer 1, 2 voor de nummer 2 en 1 voor de nummer 3.
De organisator kan ook kiezen voor 20, 12 en 8 seconden voor de top-3 van de etappe en 6, 4 en 2 seconden bij tussensprints (maximaal 3 per...